Chat with us, powered by LiveChat Bindend advies GcZ, 22 juni 2026, SKGZ202501424 - SKGZ
Menu overslaan

Bindend advies GcZ, 22 juni 2026, SKGZ202501424

Afgewezen

- 202501424

Buitenland, Europees recht Medisch-specialistische zorg
Verzoekster heeft geen aanspraak op vergoeding van de kosten van de in België uitgevoerde diagnostische en therapeutische hysteroscopiëen, omdat deze behandelingen in haar situatie – een T-vormige baarmoeder – niet voldoen aan het criterium van de ‘stand van de wetenschap en praktijk’. Ook bestaat geen aanspraak op vergoeding van de kosten van de geneesmiddelen.

Uitspraak

Verzoekster heeft aan de commissie verzocht te bepalen dat de zorgverzekeraar is gehouden de kosten van diagnostische en therapeutische hysteroscopiëen, uitgevoerd door een niet-gecontracteerde zorgaanbieder in België, te vergoeden. Daarnaast heeft zij verzocht om vergoeding van de door haar ingediende facturen van geneesmiddelen. De zorgverzekeraar heeft verklaard dat verzoekster geen indicatie had voor een therapeutische en diagnostische hysteroscopie en dat deze bij verzoekster niet voldoen aan de stand van de wetenschap en praktijk. De commissie overweegt dat verzoekster toestemming heeft gevraagd voor het eerste consult in België. Voor de vervolgbehandelingen heeft zij geen toestemming gevraagd aan de zorgverzekeraar. Er is niet gebleken van bijzondere omstandigheden waardoor dit niet mogelijk was. Dit betekent dat Verordening (EG) nr. 883/2004 buiten toepassing blijft en dat moet worden getoetst aan de voorwaarden van de zorgverzekering. In het voorlopig advies van 12 mei 2026 heeft het Zorginstituut een beoordeling uitgevoerd met betrekking tot de uitgevoerde hysteroscopiëen. Het Zorginstituut heeft opgemerkt dat om te beoordelen of is voldaan aan de ‘stand van de wetenschap en praktijk’, het essentieel is om te weten of een T-vormige baarmoeder een behandelbare oorzaak is van subfertiliteit. Het Zorginstituut is tot de conclusie gekomen dat dit niet het geval is. In de situatie van verzoekster voldoet een hysteroscopie dan ook niet aan de ‘stand van de wetenschap en praktijk’. Hiermee komen de in het kader van deze behandeling toegediende PRP-injecties en de nabehandeling met Budosonide ook niet voor vergoeding in aanmerking. Wat betreft de ingediende facturen voor geneesmiddelen overweegt de commissie met betrekking tot het geneesmiddel Linzagolix dat, nog daargelaten dat het geneesmiddel ten tijde van de afname geen verzekerde zorg was, verzoekster niet voldoet aan de indicaties waarvoor dit geneesmiddel is geregistreerd, zoals ook het Zorginstituut concludeert. Calcifediol is een actieve vorm van vitamine D en vitamine D is niet (meer) opgenomen in het basispakket van de zorgverzekering. Het verzoek wordt afgewezen.

Uitspraak Bindend advies GcZ, 22 juni 2026, SKGZ202501424