Bindend advies GcZ, 23 juni 2026, SKGZ202600279
- 202600279
Uitspraak
Verzoekster heeft aan de commissie verzocht te beslissen dat de ziektekostenverzekeraar de aangevraagde orthodontische behandeling moet vergoeden ten laste van de zorgverzekering. Volgens verzoekster is er een noodzaak voor het orthodontische traject dat hoort bij de kaakoperatie, en wordt tevens voldaan aan de voorwaarden voor vergoeding vanuit de zorgverzekering. De ziektekostenverzekeraar heeft gesteld dat bij verzoekster geen verzekeringsindicatie bestaat voor tandheelkundige hulp in bijzondere gevallen, dat wil zeggen een zeer ernstige ontwikkelings- of groeistoornis van het tand-kaak-mondstelsel, zodat geen aanspraak bestaat op het gevraagde. De commissie overweegt dat de kaakchirurgische en de orthodontische behandeling van elkaar moeten worden onderscheiden. Het betreft twee verschillende verzekerde prestaties, die moeten worden beoordeeld aan de hand van de onderscheiden voorwaarden. Voor de aanspraak op orthodontie ten laste van de zorgverzekering geldt dat sprake moet zijn van een zeer ernstige ontwikkelings- of groeistoornis van het tand-kaak-mondstelsel. Bij verzoekster is een dergelijke verzekeringsindicatie niet aan de orde. De commissie wijst het verzoek af.
Uitspraak Bindend advies GcZ, 23 juni 2026, SKGZ202600279