Chat with us, powered by LiveChat Bindend advies GcZ, 7 oktober 2026, SKGZ202600549 - SKGZ
Menu overslaan

Bindend advies GcZ, 7 oktober 2026, SKGZ202600549

Afgewezen

- 202600549

Premie, eigen risico
De betalingsachterstand is door de zorgverzekeraar juist vastgesteld.

Uitspraak

Volgens verzoeker heeft de zorgverzekeraar de meest recente betalingsregeling ten onrechte beëindigd, is de vordering ten onrechte ter incasso overgedragen, en is de betalingsachterstand niet juist vastgesteld. Daarom dient de zorgverzekeraar de vordering kwijt te schelden en hem een schadevergoeding te betalen. De zorgverzekeraar heeft de stellingen van verzoeker gemotiveerd bestreden. De commissie overweegt dat door verzoeker niet is bewezen dat hij vóór 13 maart 2025 zijn zorgverzekering heeft opgezegd, of deze op een eerdere datum van rechtswege is geëindigd. Er bestaat daarom geen aanleiding tot restitutie van het bedrag van € 1.302,- over te gaan. Voor zover verzoeker stelt dat de betalingsregeling ten onrechte is beëindigd en de vordering ten onrechte ter incasso is overgedragen, geldt dat hij het termijnbedrag na de afgesproken vervaldatum van 13 november 2025 – en vervolgens ook na de in de herinneringsbrief vermelde nieuwe vervaldatum van 7 december 2025 – heeft betaald, waardoor hij automatisch in verzuim was. Het incassodossier werd intussen gesloten en de vordering werd teruggegeven aan de zorgverzekeraar. De commissie concludeert dat de betalingsachterstand door de zorgverzekeraar juist is vastgesteld op totaal € 819,-. Voor kwijtschelding van de vordering bestaat geen grond. Tot toekenning van een vergoeding voor materiële en immateriële schade is de commissie niet bevoegd. Het verzoek wordt afgewezen.

Uitspraak Bindend advies GcZ, 7 oktober 2026, SKGZ202600549