Chat with us, powered by LiveChat Bindend advies GcZ, 27 maart 2026, SKGZ202500434 - SKGZ
Menu overslaan

Bindend advies GcZ, 27 maart 2026, SKGZ202500434

Afgewezen

- 202500434

Mondzorg
Verzoeker heeft geen verzekeringsindicatie voor de aangevraagde orthodontische behandeling.

Uitspraak

Verzoeker heeft aan de commissie verzocht te beslissen dat de ziektekostenverzekeraar de aangevraagde orthodontische behandeling moet vergoeden ten laste van de zorgverzekering. Volgens verzoeker is er een noodzaak voor het orthodontische traject dat hoort bij de kaakoperatie, en wordt tevens voldaan aan de voorwaarden voor vergoeding vanuit de zorgverzekering. De ziektekostenverzekeraar heeft gesteld dat bij verzoeker geen verzekeringsindicatie bestaat voor tandheelkundige hulp in bijzondere gevallen, dat wil zeggen een zeer ernstige ontwikkelings- of groeistoornis van het tand-kaak-mondstelsel, zodat geen aanspraak bestaat op het gevraagde. De commissie overweegt dat de kaakchirurgische en de orthodontische behandeling van elkaar moeten worden onderscheiden. Het betreft twee verschillende verzekerde prestaties, die moeten worden beoordeeld aan de hand van de onderscheiden voorwaarden. Voor de aanspraak op orthodontie ten laste van de zorgverzekering geldt dat sprake moet zijn van een zeer ernstige ontwikkelings- of groeistoornis van het tand-kaak-mondstelsel. Bij verzoeker is een dergelijke verzekeringsindicatie niet aan de orde. Met name het bestaan van een zeer diepe beet met gingivaal of palatinaal trauma, met aantoonbare schade aan het parodontium of het palatum, is niet aangetoond. De commissie wijst het verzoek af.

Uitspraak Bindend advies GcZ, 27 maart 2026, SKGZ202500434