Chat with us, powered by LiveChat Bindend advies GcZ, 29 april 2026, SKGZ202500479 - SKGZ
Menu overslaan

Bindend advies GcZ, 29 april 2026, SKGZ202500479

Afgewezen

- 202500479

Mondzorg
Verzoekster heeft geen aanspraak op het aanbrengen van vier implantaten in de tandeloze bovenkaak, omdat bij haar geen sprake is van een zeer ernstig geslonken kaak en daarnaast een indicatie in het kader van bijzondere tandheelkundige zorg ontbreekt.

Uitspraak

Verzoekster heeft aan de commissie verzocht te beslissen dat de ziektekostenverzekeraar haar een machtiging moet verlenen voor het aanbrengen van vier implantaten in de bovenkaak. Er kan voor haar namelijk geen passende gebitsprothese worden vervaardigd. Daarnaast wijst verzoekster erop dat zij in het verleden een ongeval heeft gehad waarbij haar gebit beschadigd is geraakt. De ziektekostenverzekeraar heeft gesteld dat verzoekster niet voldoet aan de toepasselijke v oorwaarden. Haar bovenkaak is niet zeer ernstig geslonken en voorts is er geen sprake van een zeer ernstig alveolair defect of een ernstige ontwikkelachterstand van de bovenkaak. De zorgverzekering biedt dekking voor het aanbrengen van implantaten, als bij een verzekerde sprake is van een zeer ernstig geslonken tandeloze kaak en de implantaten dienen als steun voor een (volledige) uitneembare prothese. Het Zorginstituut heeft in zijn advies van 26 februari 2026 aan de commissie opgemerkt dat uit de overgelegde stukken, waaronder een röntgenfoto, blijkt dat verzoeksters bovenkaak weliswaar tandeloos is, maar niet zeer ernstig geslonken. Voorts ontbreekt een indicatie in het kader van bijzondere tandheelkundige zorg. Verzoekster heeft om die reden geen aanspraak op het gevraagde, aldus het Zorginstituut. De commissie ziet geen aanleiding van het advies van het Zorginstituut af te wijken en neemt dit over. Het verzoek wordt afgewezen.

Uitspraak Bindend advies GcZ, 29 april 2026, SKGZ202500479